Het Demobilisatiecomité ontving vóór de
aankomst van een schip een opgave welke militairen terugkeerden. De
burgemeester zei in de vergadering op 13 februari 1948 dat de teruggekeerde
gedemobiliseerden een hartelijk welkom moest worden gegeven, waarbij de
ontvangst een bijzonder cachet moest dragen. Die uitspraak heeft hij zeker waar
gemaakt.
De gedemobiliseerde militairen werd door het
gemeentebestuur een officiële ontvangst aangeboden in het gemeentehuis. Meestal
vond de ontvangst plaats in de raadszaal. De ontvangsten werden in de
uitnodiging ‘een gezellig samenzijn’ genoemd. Hiervoor werden ook de naaste
familieleden uitgenodigd.
Zeventien ontvangsten werden georganiseerd. De
eerste was op 25 februari 1948. De volgende ontvangsten vonden in 1948 plaats
op 8 juni, 9 juli en 27 oktober; in 1949 op 4 juli, 26 september en 15
december; in 1950 op 9 februari, 13 maart, 25 april, 3 mei, 31 mei, 16 juni, 13
juli en 13 oktober. Daarna op 15 januari 1951 en de laatste op 8 juni van dat
jaar. De laatste twee militairen – J.C. Karelse en H. Voortwijs – waren op 6
juni met het vliegtuig in het vaderland teruggekeerd. Zij behoorden tot de
laatste militairen die Indonesië verlieten.
Tijdens de ontvangst werd een kopje thee met
gebak, een versnapering en sigaretten aangeboden. Omdat in 1948 producten als
thee, suiker, melk, gebak, versnaperingen en rookartikelen nog op de bon waren,
vroeg de gemeente aan het Centraal Distributiekantoor van het ministerie van
Economische Zaken extra rantsoenen. Voor dat representatieve doel werden alleen
rantsoenbonnen voor tabak beschikbaar gesteld. Langzamerhand kwam er een einde
aan de schaarste en een jaar later werd de distributie voor de meeste
levensmiddelen afgeschaft.
Het schenken van thee en het ronddelen van het
gebak en de versnaperingen werd afwisselend verzorgd door Unie van Vrouwelijke
Vrijwilligers, Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen, Nederlands Christelijke
Vrouwenbond, R.-K. Vrouwenbond, Vrouwen Electriciteits Vereniging,
PvdA-vrouwengroepen van Zeist en van Den Dolder en de leerlingen van de Zeister
Industrie- en Huishoudschool. Zij zorgden er ook voor dat de raadszaal of de
trouwzaal was omgetoverd in een gezellige ruimte met tafeltjes en kleedjes en
vaasjes met bloemen.
|