In een artikel in de Zeister Post van 12 mei
1945 wordt een beeld gegeven van de door de oorlog zo zwaar getroffen plaatsen Den
Dolder en Bosch en Duin. Men schrijft: ‘Wij zijn in de afgelopen week in de
gelegenheid geweest de omgeving van de jarenlang afgesloten Hertenlaan op te
nemen en de schade van nabij te zien. Eerlijk gezegd leek het ons of wij een
slagveld bezochten. Geen huis was meer heel, alle tuinen verwoest en de
bomtrechters hadden een gapende omvang aangenomen als even zo vele vers
geslagen wonden. Enorm is hier de verwoesting van het natuurschoon. De
prachtige heide-paden naar Soest zijn vernietigd, het prachtige bos van de
Hertenlaan gesloopt en de artistieke hoekjes weggeslagen. Wanneer men deze
schone omgeving heeft gekend, komt men wel zeer onder den indruk. [...] Wanneer
men de ravage te Bosch en Duin daarbij voegt en de vernieling van de terreinen
aan den Dolderschenweg, heel het kampeerterrein “De Zonnebloem” is practisch
vernietigd, overziet, komt een sterk verdriet bij u op.’
Dezelfde krant schrijft een jaar later, op 11
mei 1946, ‘Het Herstel in vollen gang. Een gang door de Hertenlaan te den
Dolder laat u alle indrukken van de laatste jaren opnieuw beleven. Aan het
begin een slagboom en een wirwar van prikkeldraad. Militair terrein! Streng
verboden toegang! Schrik niet, lezer, men kan vrij passeeren, het zijn slechts
resten uit een minder aangename periode, waarvan deze laan als geen andere de
sporen vertoont. [...]’
Tijdens de regering van koningin Wilhelmina
vierde men Koninginnedag op 31 augustus. De eerste verjaardag van koningin
Wilhelmina in een bevrijd Nederland werd tevens als Bevrijdingsdag gevierd. Het
was Den Dolder dat met een tweedaags feest op donderdag 30 augustus de
feestelijkheden rond den verjaardag van de koningin opende.
Het lijkt zoveel jaar na de oorlog normaal dat
men na de bevrijding feest vierde. In die tijd lag dat in de maatschappij toch
anders. In het Zeister Nieuwsblad van 4 september 1945 kan men lezen hoe burgemeester
Visser over dit vraagstuk dacht. ‘Het was Zeist’s eerste burger, die ons deed
gevoelen, dat er twee groeperingen menschen te onderscheiden zijn. En wel een
grootere groep, die vóór feestelijkheden zijn, na een tyrannie van vijf lange
jaren en een kleinere groep, die zegt, dat thans, nu de wonden van smart en
verlies nog niet geheeld zijn, de tijd van uitbundige vreugde nog lang niet
gekomen is. Het is echter niet aan ons, of beter gezegd, aan den mensch, om te
beoordeelen, wie van de twee gelijk heeft. Zeker is echter, dat we hen, die
voor de vrijheid, waarvan wij thans genieten, hun leven offerden, nu en nooit mogen
vergeten. Viert men feest, dan zal men dit doen in het teeken van de dankbaarheid
voor de eindelijke vrijheid, de uiteindelijke verlossing.’
Door het Comité tot opbouw van Den Dolder en
Bosch en Duin en de Oranjevereniging te Den Dolder werd uit dankbaarheid en
vreugde over de bevrijding van Nederland, de terugkeer van koningin Wilhelmina
en de wederopbouw van het zwaar getroffen Den Dolder, op de hoek van de
Dolderseweg en de Hertenlaan-West een monumentale bank geplaatst. Hiervoor had
men aan het gemeentebestuur op 19 juli 1945 toestemming gevraagd. In de
rugleuning van de bank is een plaquette gemetseld, waarop te lezen staat ‘Ter
herinnering aan de bevrijding van ons land, 5 Mei 1945’. Op een kleinere gedenksteen
aan de linkerkant staat ‘Aangeboden door de bewoners van Den Dolder en Bosch en
Duin aan de gemeente Zeist, 30 Augustus 1945’. Op die dag werd het monument aan
het gemeentebestuur in de persoon van de burgemeester overgedragen. In het
besluit van 28 juli 1945 waarbij het gemeentebestuur de schenking van de bank
aanvaardde, staat ‘dat deze bank een sieraad zal vormen in die omgeving’.
Het monument is gemaakt van natuursteen,
baksteen en chamotte. De bank loopt aan beide zijden trapsgewijs omlaag. Het
breedste punt is 4,95 m, het hoogste 1,55 m en het laagste 58 cm. Aan weerszijde
is een plantenbak gemetseld. De bakken zijn 30 cm hoog, 1,30 m breed en 95 cm diep.
Het zitgedeelte is helaas vervangen door een klein bankje.
Schijnbaar werd dit oorlogsmonument in latere
jaren niet meer als een bevrijdingsmonument gezien en alleen als een van de
vele zitbanken in de gemeente beschouwd. Toch zijn in Nederland op diverse
plaatsen oorlogs-, verzets- en bevrijdingsmonumenten opgericht in de vorm van
een zitbank. Onder andere is dat gebeurd in Abcoude, Almere, Axel, Barchem,
Beemster, Bergambacht, Dalfsen, Leiden, Loenen (U.), Neede, Norg, Santpoort,
Schellinkhout, Varsseveld, Vriezenveen, Westdongeradeel en Zwolle. In Sta
een ogenblik stil...(Kampen 1980) mist men dit bevrijdingsmonument in Den
Dolder.
Sinds op 1 september 1898 ter gelegenheid van
de troonsbestijging van koningin Wilhelmina op het toenmalige marktplein aan de
Voorheuvel de Wilhelminaboom werd geplant, zijn meerdere Oranjebomen gevolgd.
Naast de Oranjebomen kennen wij Vrijheidsbomen, die ons aan de herwonnen
vrijheid herinneren.
Na de overdracht van de Bevrijdingsbank plantten
burgemeester Visser en mevrouw Visser in het plantsoen een Vrijheidsboom. Gelet
op de feestdag waarop de boomplanting gebeurde, mag men deze boom ook een
Oranjeboom noemen.
De Oranje-Vrijheidsboom aan de Dolderseweg is
in een onbewaakt ogenblik gerooid. Wat voor soort boom het was, is niet bekend.
|